Algemeen

Willem Vrolijks: voor eeuwig een 'clubmannetje'

Nieuws afbeelding 12-3-2022

Er is ons een clubicoon ontvallen, Willem Vrolijks, 33 jaar het gezicht van Be Fair, is overleden in het jaar dat ‘zijn cluppie’ 100 jaar wordt. Willem werd 89 jaar. Hij was op.

Willem Vrolijks is er eentje uit de eregalerij van onze club. Daarom de volgende bijdrage van Bart van Straaten, oud Be Fairder. En als je denkt ‘Vrolijks’ bekende hockeynaam! Kan kloppen. Zijn zoon Rainier is voorzitter van Huizen. Kwestie van de welbekende appel en de boom….


In februari 1961 is Willem Vrolijks 28 jaar. Hij solliciteert samen met zijn toenmalige vrouw Will op een vacature in de Gooi- en Eemlander. "Wij hebben veel ervaring in het horecabedrijf. Ik ben momenteel trainer van de voetbalvereniging Muiden en heb de afgelopen twee jaar de velden onderhouden. Gaarne zien wij uit naar een mondelinge sollicitatie.”

Anderhalve maand later, op 10 april, tekent het echtpaar een contract als beheerder van de R.K. Sportvereniging Be Fair. In het takenpakket het onderhoud van de velden, clubhuis, kleedkamers, wc’s en douches. Daarnaast wordt de horeca door het echtpaar gepacht en mogen ze ‘om niet’ gebruikmaken van de dienstwoning.
Geboren Muidenaar Willem Vrolijks wordt groundsman en barman van de katholieke kakkers en neemt pas 33 jaar later afscheid als hét gezicht van Be Fair. Het is het geboortejaar van ’t Spandersbosch.

 

Voor de onbekende bezoeker van sportcomplex Crailoo past de naam Vrolijks niet direct bij de ruwe bolster, blanke pit die je bij binnenkomst achter de bar ziet staan. Pfff, wat kon die man boos kijken. Als kind durfde je nauwelijks om een dropveter te vragen, bang voor een ongekende uitbrander. Maar hoe langer barman en leden met elkaar leefden, hoe groter de wederzijdse waardering.

Willem was geen prater. Soms moest je het doen met niet meer dan een "Hmm…” En dan moest je op zondagochtend maar raden of dit een hartelijk welkom was, of een "het-is-vroeg-wat-doe-je-hier-in-godsnaam-en-dan-wil-je-ook-nog-koffie…”

Maar zelfs het lezen van Willems gezichtsuitdrukking kon je leren, als je maar lang genoeg lid bleef, actief was en vooral vaak bleef hangen. Op maandagavond-redactieavond bijvoorbeeld, minimaal tot aan de hardgekookte eieren, precies om 00.00 uur. Of na de trainingen en niet te vergeten op zondag. Op z’n minst tot na Studio Sport. Op die momenten werd Willem een man met een mening over van alles en nog wat. Over Feijenoord, zijn geliefde Volendam en Ajax. Over de toekomst van de club. Over die ver-schrik-ke-lij-ke golfers. En in die late uurtjes kwam ook de gulle lach.

Niemand op de club wist precies wat ’s avonds in de kleedkamers gebeurde. Niemand kende alle geheimen van de bestuurskamer. Niemand wist precies wie-met-wie en wie niet. Behalve die ene man met die grote oren en die haarscherpe blik.
Niemand zag binnen een seconde dat een jeugdfeest uit de hand dreigde te lopen. Behalve de grote vriendelijke reus. Willem handelde als door een adder gebeten, sprong over de bar, liep richting het onheil, en greep kordaat en stevig in. Binnen 3 minuten lagen de relschoppers buiten en kon het feest verder. Niet zo gek dat hele generaties jeugd zich op Be Fair altijd veilig voelde.
Dat Willem alles zag en hoorde, was natuurlijk niet zo gek. Deze harde werker liep gemiddeld toch zo’n 80 uur per week op en rond de velden en de tennisbanen. Hij moet toch wel een stuk of 200 goed behaarde bezems tot op de draad hebben versleten aan het vegen van clubhuisvloer en kleedkamers. Week-na-week, soms dag-na-dag. Meer dan 12.000 etmalen van zijn leven.
Bij zijn afscheid in 1994 schreef oud-voorzitter Wout Snijders over het door Willem zelf gemaakte karretje, waarmee hij de lijnen op de velden trok. Elke vrijdagmiddag, ruim dertig jaar lang, gemiddeld zes velden per keer. De zijlijnen, de achterlijnen, de middenlijn, de cirkels, de 23-meter lijnen en toen nog de vijf-meter stippellijnen in de lengte van het veld. Meer dan 3.000 kilometer waren Willem en het karretje onlosmakelijk met elkaar verbonden. Jammer dat de stappenteller nog niet bestond.


Kilometers van het allerbeste hockeygras heeft hij laten groeien. Miljoenen woorden heeft hij horen spreken en verzwegen. Honderdduizenden herinneringen zaten in die ruige kop. Het ‘clubmannetje’ noemde hij zichzelf bij zijn afscheid in de Gooi- en Eemlander. Hij glom bij de erepenning van de gemeente Hilversum en hetzelfde eremetaal van de KNHB. En terecht.
De ‘koning van Crailoo’ wilde best nog even door, maar zijn nek en rug konden niet verder. Bij Willems overlijden loopt de club tegen de honderd. Ook dankzij hem.
Proost Willem, ‘Mister Be Fair’ kan niemand meer worden, maar wel blijven.

Bart van Straaten



Bijlage
 
 
 

Hoofdsponsors

 

Met dank aan onze sponsoren